salamander,
m. (-s), 1. naam van de dieren die de orde der Salamandrinae
vormen, waarvan in ons land verscheidene soorten gevonden worden:
de land-, de grote en de kleine watersalamander (zie ald.), de alpensalamander,
de vinspootsalamander; volgens de oude voorstelling kon de
salamander in het vuur leven, of was hij een vlammen spuwend dier;
vand. de vergelijking met locomotief op de volg. plaats: 'Zie langs
zijn tweelingslijn dien fellen salamander! Vuur sist het uit zijn
buik' (Da Costa); 2. vuurgeest; 3. vuurwerk dat
een kronkelende slang voorstelt; 4. salamanderkachel;
5. sneetje dun gesmeerd brood met kaas, even in de oven verhit;
6. (student.) heildronk ter ere van N.N.; salaman'dertje, o. (-s). salaman'deren, (salamanderde,
h. en is gesalamanderd), (volkst.), 1. (overg. en onoverg.) smijten
of vallen; 2. (onoverg.) ertoe doen; 3. glas in één
teug legen.
De Salamander is een heildronk
iets of iemand ter ere, en geen strafdronk of een wedstrijd in sneldrinken.
Het is het hoogste studentikoos eerbewijs dat een lid van de corona,
ook een afwezig persoon, aan de clubtafel te beurt kan vallen.
Wanneer de Praeses een Salamander aankondigt, worden de glazen leeggedronken
en opnieuw gevuld. Het Salamander-commando wordt gewoonlijk door de
Praeses gegeven, zoniet door een door de Praeses aangeduid lid van de
corona (=alle leden van de club). Het ritueel verschilt in Vlaanderen
van studentenstad tot studentenstad en dan nog hebben vele clubs een
eigen traditie om een Salamander aan te kondigen. Enkele varianten zijn
hieronder samengebracht.
Voor de officiële (en overzichtelijke) beschrijving van een Salamander
verwijzen wij U graag door naar de blauwe blaadjes van de clubcodex;
onder Rondgezangen en Bierspelen - Plechtigheden; 139 SALAMANDER.
Een Salamander gaat als volgt:
Praeses:
"Silentium! Klaar voor de Salamander op het heil van ...
(ofter ere van ... ) Ad exercitium sanctissimi salamandris, omnes commilitones, surgite!"
(of"levate pocula",ingeval
de corona reeds rechtstond*).
Bovenstaande formulering is er één van die vooral in Gent
in zwang is. Andere varianten zijn:
"Ad exercitium sancti sanctissimi salamandris, omnes commilitones
qui adsunt, surgite!"
Ad exercitium (sacro) sancti sanctissimi salamandris, omnes
commilitones qui adestis, surgite!
Corona - staat recht, heft het glas en antwoordt: "Surgimus!"
(of *"Levamus").
Praeses:
"Brengt het glas op de hoogte (of 'ter hoogte'):
Van de Nederlandse gedachte!" of "Van het eeuwigdurend
studentenras!" Corona: "Hoog!"
(de corona heft het glas (ter hoogte van het voorhoofd)) Praeses: "Van het (of
'ons') (Vlaams) meisjesminnend hart!" Corona: "Hoog!"
(glas wordt ter hoogte van het hart gebracht)
Praeses:"Op
de hoogte van ..." (ad libitum (=vrij)):
In vele clubs is de formulering
nog losser en wordt: "Commilitones, laat ons een keer drinken
op..."
Het staat de praeses vrij te kiezen ter ere van wat of wie gedronken
zal worden.
Later nog wat voorbeelden... Er kan ook "ter laagte
van" iets gedronken worden; bvb. van alle afwezigen.
Na elke dronk laat de corona zijn mening horen of door instemmend 'Hoog!'
te antwoorden en het glas te heffen of door 'laag!' te antwoorden en
het glas in de laagte te houden.
De Praeses kan het woord eventueel doorgeven aan anderen van de corona,
bijv. aan een oudlid of Pro Senior.
Praeses:
"Van de neus: snuif de lekkere geuren!(glas
wordt onder de neus gebracht) Van de bovenste lip: een kus tot afscheidsgroet!(men
kust het glas) Van de onderste lip!hierna volgt soms nog: Van
de middenste lip!
Waar is de brand ?!"
Corona:"Hier!" Praeses: "Waar zijn de pompiers?" Corona: "Hier!" Praeses: "Zijn de spuiten klaar?" Corona: "Ja!" Praeses: "Spuit dan op het commando van één,
twee, drie!"
De glazen worden ad fundum -in één
teug dus- en "met manieren" gedronken. "Met manieren"
wil niet meer of niet minder zeggen dan dat elkeen een prosit brengt
aan de andere leden van de corona: bvb. "Prosit Pro's, prosit Senior, prosit Corona."
In onze club heerst nog discussie over wie eerst gegroet moet worden,
de Pro Seniors of de huidige Praeses.
Met de ledige glazen wordt op de tafel getrommeld tot de praeses zijn
glas opheft; op zijn commando van Eén, twee, drie! worden
de glazen samen met één slag op tafel neergezet.
Het glas kan ook omgekeerd op het hoofd worden gehouden om te tonen
dat het leeg is in plaats van ermee op de tafel te trommelen, hoewel
dit geen algemene regel is.
Als ieders glas leeg is en de glazen op de tafel staan zingt de corona
met de rechterhand aan het hart:
"Ja, dat voelen wij. (bis) Aan ons hartje. (bis) Aan ons eenzaam hartje. ('dierbaar
hartje' voor diegenen die verkeren;- 'jeugdig hartje' is de officiële
versie) En 't is van jarenlang bekend. (bis) Dat alles zwicht voor de student. (bis)** "
('zwicht' wordt dezer dagen veelal vervangen door 'wijkt' hoewel 'zwicht'
de officiële manier is)
'van Gent' wordt meestal toegevoegd door diegenen die in Gent studeren
Praeses: "Salamander ex!"
**Het klinkt als een hoon en is uiterst oneerbiedig om na deze
heildronk vulgaire straatliedjes te zingen van de slag
En edde gaai meubele
En edde gaai huisgrief
Dan kunde gij trouwe mee ou lief
Gij 'n ouwe zot.
Tarara,
Viens poupouleke,
Viens poupouleke viens,
Gij 'n appelsienendief,
Ik 'em u toch zo lief.
En ga je mee ? (bis)
Ga je mee gaan varen ?
Ga je mee ? (bis)
Ga je mee naar zee ?
}
}
}
}(bis)
}
}
}
}
}(bis)
En 't is te zien aan ons machien
Da wij van Look're wezen.
En 't is te zien aan ons machien
Da wij van Look're zijn.
Lalalalallalalalalala (bis)
Mie katoen komt morgennoen,
We zullen een pintje drinken,
Mie katoen komt morgennoen,
We zullen een pintje doen.
Lalalalallalalalalala (bis)
Wij zijn gezworen kameraden
Wij zullen elkander nooit verlaten
Wij zijn bijeen en we blijven ondereen Wij zullen elkander nooit verlaten
!
Over het ontstaan van het Salamanderritueel bestaan verschillende
theorieën en verklaringen, maar de oorsprong zou in het Duitse
Breslau liggen. Vanuit Breslau heeft het zich over andere (Duitse) universiteiten
verspreid. De eerste sporen daarvan dateren van 1825. Sinds 1827 kende
men zowel in Breslau als in Halle het tegen elkaar aanwrijven van glaasjes
met brandende "Schnaps". Uit een humoristisch manuscript uit
1829 weten we dat de Vuursalamander de god van de Schnapsdrinkers was
die regelmatig in de clinch ging met Cerevisius, de god van de bierdrinkers.
Hoe kwamen die Duitse studenten er bij om de Vuursalamander tot god
van de Schnapsdrinkers uit te roepen?
Algemeen wordt aangenomen dat het verband houdt met de heropleving van
het fenomeen "natuurgeesten" tijdens de Romantiek (eerste
helft van de negentiende eeuw). Misschien heeft ook Goethes Faust een
rol gespeeld bij de naamgeving, aangezien Faust zegt: "Salamander soll glühen, Undine sich winden, Sylphe verschwinden,
Kobold sich mühen!".
Zelfs Paracelsus (1494-1541), de beruchte Zwitserse vagant en drinkebroer,
was er al van overtuigd dat salamanders vuurwater dronken. De redenering
ligt dus voor de hand: salamander - vuurwater - schnaps.
Na 1830 wordt er onder Duitstalige studenten ook gesproken over een
"Biersalamander".
Ook over de omschakeling van Schnaps naar bier bestaan fantasierijke
theorieën. De realiteit is echter vrij banaal: bier was een meer
verspreide en gedronken drank, waarom zou het Salamanderritueel daarom
niet met bier uitgevoerd kunnen worden?
De "Biersalamander" was geboren.
De oudste sporen die met zekerheid op het "biersalamanderen"
wijzen, gaan terug tot het Heidelbergse studentencorps Saxo-Borussia
uit 1832. De Salamander als heildronk ontstaat pas rond 1846, maar tot
1880 werd het "salamanderen" overwegend beschouwd als een
ordinair bierspel.
In Vlaamse studentenkringen wordt de term meestal gebruikt als benaming
voor de heildronk, maar ook als benaming voor het ad fundum drinken
van je glas: Een salamander drinken, salamanderen.
In Duitstalige studentenkringen kent men ook nog een "Toten- oder
Trauersalamander" waarmee men overleden commilitones eert en herdenkt.
De doden- of treursalamander gaat vrij vertaald volgens Coburger
Convent als hier [link vertaling] beschreven.
Bierkenners.
Bierkenners drinken
Salamander het klasse bier
Breendonk, IV.1999;
foto A. Anselin
Formuleringen.
De benaming en de ritus komen van de Duitse studenten, maar de Vlamingen
hebben een eigen formulering gemaakt.
Bij de Salamander wordt het glas ad fundum gedronken nadat het op commando
van allerlei "hoogten" werd geheven:
"Op de hoogte van ons bolsjevistisch verstand (het voorhoofd),
van hetgeen Adam niet bezat (de rib/hart), van onze christelijke middenstand
(de navel), van de linkervoet, van de rechtvoet, op de kop, laat los,
van de neus, snuif de lekkere geuren, van de bovenste lip, van de onderste
lip, van de middenste lip, een kus tot afscheidsgroet..."
Sommige verenigingen houden er eigen formuleringen op na, zoals vroeger
bv. de Leuvense faculteitskring Germania: "Breng het glas ter hoogte
van: P.C. Hooft, H.C. Poot, Gerrit Achterberg, Onno Zwier van Haren,
Willem van Haren, Frans Hals, Willem Bilderdijk, Ooratius, Simon Vinkenoog,
Emmanuel Hiel, professor Van Dievoet, de andere voet."
Anatomische verklaring is hierbij overbodig.
In Duitsland werd de Salamander aanvankelijk met brandende schnaps
gedronken; vandaar de benaming omdat een salamander volgens de oude
voorstelling in het vuur kon leven en vlammen spuwen.
Die eigenschap werd vooral toegedicht aan de vuursalamander. (cfr.
ons clublied: "wij spuwen vuur noch vlam")
De vuursalamander dankt zijn naam immers aan het feit dat hij gaat schuilen
tussen houtblokken. Als men dan die houtblokken in de open haard stak
zag men dikwijls de vuursalamander zich snel uit de voeten maken. Men
dacht toen dat die salamander regelrecht uit het vuur kwam, vandaar
zijn naam.
Deze aanvulling nog van de weledelgeleerde prof. drs. Thimotheus De
Meyer:
"Nog steeds verwijzen de frases 'Waar is de brand? Waar zijn
de pompiers? Zijn de spuiten klaar?...' die gesproken worden bij
de Vlaamse formulering van het salamanderritueel naar het feit dat het
ritueel vroeger met brandende schnaps plaatsvond.
Het schild, het monogram
en de clubkleuren.
Het wapenschild van de studentenclub Salamander werd ontworpen
door de stichters van de club waaronder dr. George Daens, bij
de oprichting in 1974 de bezieler van de club.
Het is een heraldisch schild samengesteld uit een afbeelding van
een vuurSalamander met rechts daarvan drie banen met de clubkleuren,
respectievelijk zwart, wit en groen. Over de drie gekleurde banden
op het schild staat het monogram van de club.
Het monogram is een samentrekking van de sierlijk geschreven letters
V, C en F, S en een uitroepteken. V, C en F staan voor respectievelijk
"Vivat, Crescat et Floreat". 'S' is de eerste letter
van Salamander, de naam van onze bescheiden club.
'Vivat, Crescat et Floreat de Salamander' wordt vrij vertaald
als:
"Opdat hij gelukkig moge leven, groeien en bloeien de Salamander."
De kleuren zwart en wit verwijzen naar de kleuren van het Lokerse
schild van raap en rooster. De groene kleur is een referentie
naar het Waasland.
Eerst?
En voor diegenen die zich afvragen: Wie was er eerst? Het café
van Rie in Gent of de club uit Lokeren?
De club.